Poppenhuizen heb je in alle soorten en maten: mooie, lelijke, zelfgemaakte, gefabriceerde, van hout, van plastic, groot, klein. Het is als een speelgoedobject een evergreen die je in menig kinderkamer ziet. Maar is dat altijd zo geweest? In dit artikel nemen we je mee naar de oorsprong van het poppenhuis.

Van alle tijden

De mens heeft iets met miniaturen. Al in de oudheid werden miniatuurvoorwerpen gemaakt – vaak om religieuze redenen – om iemand in zijn graf mee te geven. Poppenhuizen zaten hier natuurlijk nog niet bij.

Kunstkabinet

Als je naar het Kunstmuseum Den Haag gaat (dat vroeger gewoon Gemeentemuseum heette) en je wandelt naar de historische afdeling, dan kom je een opengeklapt zogenaamd ‘Kunstkabinet’ tegen. Je zou kunnen zeggen een voorloper van het poppenhuis zoals we dat vandaag de dag kennen. De grote ruimte van die kast, want dat is het, is onderverdeeld in kleinere ruimten. Die vormen samen een compleet interieur van een huis. Een 18e-eeuws huis, helemaal ingericht met miniatuurmeubelen, gebruiksvoorwerpen en mini-schilderijen. Exact zoals een herenhuis er in die tijd van binnen uitzag. Of kijk eens in het Rijksmuseum, naar het kabinetpoppenhuis van Petronella Dunois (de hoofdfoto bij dit artikel).

Hobby voor de rijken

In de 17e en 18e eeuw was het laten maken – en belangrijker nog – het inrichten van zo’n kunstkabinet een hobby van de welgestelden. Ambachtslieden maakten miniatuur zilveren bestek, porseleinen aardewerk, schilderijen, etc. Deze poppenhuizen waarvan er nog vele worden bewaard en tentoongesteld, geven een fraai cultuurhistorisch beeld over hoe de rijkere mensen vroeger leefden. Je zou kunnen stellen dat zo’n poppenhuis een soort van 3D-foto uit die tijd is.

Poppenhuizen werden ook gemaakt voor kinderen van adel. De detaillering en schaalgrootte van deze huizen is verbluffend en vaak bijzonder kostbaar. Zo is er het Queen Mary’s Doll’s House, misschien wel het beroemdste poppenhuis ter wereld. Speciaal gemaakt voor koningin Mary, de vrouw van koning George V, tussen 1921 en 1924. Een ander spectaculair poppenhuis is dat van de Amerikaanse actrice Colleen Moore (1899-1988). 700 mensen werkten 7 jaar lang aan haar miniatuur droomkasteel dat een vermogen koste. Het staat permanent opgesteld in Chicago en trekt 1,5 miljoen bezoekers per jaar.

Beroemde poppenhuizen in Nederland

Vanaf 1925 worden er in dit land poppenhuizen als speelgoed gemaakt door de ADO. Nee, niet door de voetbalclub uit Den Haag, maar door Arbeid Door Onvolwaardigen. Mensen die herstellen van tuberculose werkten in de speelgoedwerkplaats van sanatorium Berg en Bosch in Apeldoorn onder leiding van de ontwerper Ko Verzuu. Zij maakten daar de zogenaamde ado-poppenhuizen. Verzuu liet het speelgoed testen door zijn kinderen en de meubeltjes én kleuren waren geïnspireerd door het werk van Gerrit Rietveld. Het zijn nu ware verzamelaarsobjecten geworden.

We willen er nog eentje noemen, de fietsenwinkel van Willy Berlijn. Die moet je zien! Nel Berlijn en haar broer Alphons bouwden rond 2002 hun ouderlijk huis en de fietsenwerkplaats van hun vader helemaal in miniatuur na. Het ‘huis’ en de verhalen geven nagenoeg een perfect beeld van het leven in de jaren 50. Geheel gebaseerd op de originele bouwtekeningen is het huis opgetrokken uit MDF, karton, papier, textiel, etc. Dit huis zien is alsof je in een tijdmachine bent gestapt.

Er zijn er nog veel meer dan we hier kunnen noemen. Google gewoon even voor de mooiste en gekste poppenhuizen en je zult er een boel vinden die te bewonderen zijn.

Voor jong…en oud?

En nu, zijn poppenhuizen alleen als speelgoed voor kinderen beschikbaar? Zeker niet! Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de miniatuur-meubelen die Vitra produceert. Ze zijn razend populair (en behoorlijk aan de prijs trouwens). Minder uitgeven en toch iets van Vitra willen hebben? Dan kan het papieren olifantje uitkomst bieden, je maakt ze makkelijk zelf!